JIJ!
Stel je voor: een heel klein ei- en zaadcelletje worden één. Op datzelfde moment ben jij er! Weliswaar nog zo klein dat je absoluut
onzichtbaar bent voor het oog. Maar toch, je bent er! Het begin van een uniek en bijzonder mens. Gek eigenlijk, als je dat op je
laat inwerken. Heel klein, zonder vorm, maar toch zo uniek: JIJ.
Je groeit, op wonderlijke wijze, in je moeder. Na drie weken klopt je hartje. En na vier weken is er de eerste aanleg van je
organen zoals de lever, nieren en darmen. Zelfs de ontwikkeling van je wervelkolom is al begonnen. Je moeder weet pas net dat ze
jou gaat krijgen.
Na een week of zes ben je zo groot als de duimnagel van een volwassene en je groeit ongeveer 1 mm per dag. Je hart klopt 140 - 150
keer per minuut en je hebt al een mond met lippen en het begin van je tong.
Al na 8 weken zijn al je organen en ledematen in beginsel aanwezig. Je zenuwbanen hebben zich gevormd. En iedere minuut ontstaan
er zo'n 100.000 nieuwe zenuwcellen. Je hebt ondertussen oortjes. Je vingers en tenen zijn er ook al en je eerste beencellen worden
gevormd. Je kunt je armen en benen bewegen en je gelaatstrekken zijn al te herkennen.
Als je elf weken bent, heb je jouw eigen gezicht. Je inwendige organen en je spieren groeien dat het een lieve lust is. Je wordt
beschermd door de vruchtvliezen, een soort airbag, maar dan gevuld met water. Zo word je beschermd tegen stoten. Je zit nog wel
in een soort dooierzak die er voor zorgt dat je bloedcellen worden aangemaakt, iets dat later door je lever wordt overgenomen.
Na 16 weken beslaat je hoofd, gemeten van kruin tot stuit, nog ongeveer 1/3 van je totale lichaamslengte. Je ruggengraat en nek
kunnen al buigen. Zo kan je lekker liggen in de baarmoeder. Je wordt gevoed door de placenta, die je ook van zuurstof voorziet.
Weliswaar is je huid nog wel zo dun dat je de bloedvaten er nog doorheen kan zien. Dat komt omdat je nog geen onderhuids
vetweefsel hebt.
Met een week of 18 zuig je al op je duim! Daardoor leer je hoe je later uit de fles of aan de borst moet drinken. In die tijd
ben je zelfs al zover dat je een vuist kunt maken. Je moeder voelt je soms al eens, want je duwt en schopt veel. Stembanden heb
je ook, maar omdat er geen lucht in de baarmoeder zit, kun je nog geen geluid maken. Maar je bent al wel zover dat je de hartslag
en de stem van je moeder kan horen.
Je groeit door in je moeder tot aan de geboorte. En dan komt de bevalling. Ook voor jou een heel karwei. Maar dan ben je er
ook, als nieuw mensenkind. Je ouders zien je en ze kunnen je voor het eerst liefdevol in hun armen nemen, ook al besta je al
negen maanden. Je kunt ademhalen, geluidjes maken en drinken. En ook al ben je nog helemaal afhankelijk van je ouders, je bent
gegroeid en ontwikkeld om ooit zelfstandig te kunnen leven. Om een volwassen man of vrouw te worden die later misschien zelf wel
voor kinderen mag zorgen.
Ben jij geen groot wonder? Ben jij niet prachtig gemaakt? Psalm 139 beschrijft dit heel mooi. Goed om (weer) eens te lezen.
Je Schepper zorgde er voor dat jij er kwam. Hij kent en doorgrondt je. Hij ziet je vanaf het begin. Je bent daarom niet alleen
van je vader en moeder, maar ook van Hem. En dat geeft verantwoordelijkheid voor de keuzes die je maakt in het leven. (Psalm 8
beschrijft dat je bijna goddelijk bent gemaakt) Misschien ben je gedoopt, een verbond, ook met jou. Je mag weten dat die doop
ook op jouw voorhoofd schreef: “jij bent van Mij, van je God en Vader”. En ook als je (nog) niet gedoopt bent, mag altijd naar
Hem toegaan. Hij kent ook jou! Hij maakte je en wil er ook voor jou zijn. Als God, als je Redder, als Vader, als Vriend.

Hartelijke groeten,
Benne Solinger, Reageren kan via www.beninbeeld.nl
|